Ik corrigeer mensen vaak als zij verkeerde woorden gebruiken. Groter als jou bijvoorbeeld. Wordt ik. Kan ik niet hebben. Gaan mijn nekharen van overeind staan.
Vandaag was ik op mijn werk. Daar valt wel eens iets te verbeteren. Overnieuw wordt daar bijvoorbeeld steeds opnieuw gebruikt. Na één van mijn verbeteringen vroeg iemand wat de term is van zo’n dubbelzinnig woord. “Een contaminatie” antwoordde ik. “Maar hoe heet het dan als je bijvoorbeeld witte sneeuw zegt?” Ik kon niet op de term komen. Als ik ergens een hekel aan heb is het als ik niet op zo’n feitje kan komen. Ik teer op feitenkennis.
Afgelopen donderdag en vrijdag had ik een Trainer Coach II cursus in het hoofdkwartier van de KNVB in Zeist. Een tweedaagse met een complete overload aan lezingen en informatie. Om in vaktermen te spreken ging het om het volhouden van beter wakker blijven. Een van de lezingen die wél erg interessant was, was van Frans Hoek. De specialiteit van Hoek is de keeperstraining. Tijdens de discussie met de groep liet een van de minst gewaardeerde, met alle respect, medecursisten de term “vliegende keep” vallen. Bij alle lezers die ooit op straat gevoetbald hebben gaan nu belletjes rinkelen. Voor de overigen: Een vliegende keep is naast keeper ook speler. Twee dingen tegelijk. Multitasken. Dat konden wij mannen op jonge leeftijd al. Wat weinig mensen weten is waar de term vliegende keep vandaan komt. Het is een nutteloos feitje, maar ik wist het.
Misschien heb ik daarom ooit overwogen om wiskunde te gaan studeren. Binnen wiskunde is alles een feit. Geen abstract gedoe, gewoon feiten. 1 + 1 = 2, 5 x 2 = 10. Dat werk. Ik ben desondanks ooit Sport Management gaan doen. Dat leek leuker. Lekker sporten de hele dag. Wiskunde of econometrie is niet echt weggelegd voor de Pasteuninkjes. Dat je dan uiteindelijk een HBO studie doet waar je eigenlijk geen zak aan hebt, nemen we graag voor lief. Als het maar leuk was en we af en toe een grappig feitje hebben opgepikt. Zoals de vliegende keep.
Gerrit Keizer was een talentvolle keeper in de jaren ’30 en ’40. In die tijd hadden spelers nog geen contracten met clubs. Laat staan miljoenensalarissen. Men voetbalde omdat ze het leuk vonden. Of omdat het kon. Keizer vertrok op jonge leeftijd naar Londen om groenteman te worden. Daarnaast keepte hij. Evert ten Napel zou hiervan smullen. Via via kwam Keizer uiteindelijk, als eerste Nederlander, bij Arsenal onder de lat te staan. Echter, hij keepte ook nog steeds voor Ajax in Nederland. Omdat het dus kon. Zo kwam het voor dat hij in één weekend keepte voor Arsenal en Ajax. Hij vloog dan voor de wedstrijden op en neer tussen Nederland en Engeland. Een vliegende keep dus. De Engelsen noemde hem de Flying Dutchman. Is ook gelijk bekend waar de bijnaam van Bergkamp, de grootste stylist ooit op het groene gras, vandaan komt. Groen gras; een pleonasme.
te gek goos!
maar..
Men voetbalde omdat ze het leuk vonden.
klopt dat?
Overnieuw staat wel in het groene boekje.. MIsschien een leuk feitje.